Van 27 augustus tot 2 september was ik voor de tweede keer in Schotland voor de meerdaagse tocht van de oost- naar de westkust. Deze tocht was voor mij wel wat anders want ik ging nu mee als gids/begeleider namens de Bikeacademie en was tevens betrokken bij de voorbereiding.
Dag 1 Stonehaven-Edzell
Op het kiezelstrand van Stonehaven begon laat in de middag, na de busrit vanuit Newcastle, de eerste etappe. Met het achterwiel in het water maakten wij de foto om aan te geven dat het ging om een Coast to Coast tocht met als doel om met het voorwiel aan de andere kant van Schotland in de zee te eindigen.

Langs de haven zagen we voor ons de klif die we via een steil pad moesten beklimmen wat een pittige warming-up bleek.

Boven aan gekomen gingen we het pad op dat vlak langs de klif richting de ruïne van Dunnottar Castle, het meest gefotografeerde kasteel van Schotland, leidde.

Nadat wij ook een aantal foto’s hadden geschoten probeerden wij het pad verder te vervolgen langs de vogelkolonie “Fowlsheugh” in de 70 meter hoge klifwanden. Het pad werd al gauw onbegaanbaar door de kniehoge begroeiing met distels zodat we genoodzaakt waren om iets eerder dan gepland via een akker landinwaarts te gaan rijden. De westkust van Schotland is hoofdzakelijk landbouwgebied. Dat landbouwgrond belangrijk is voor de boeren bleek wel doordat veel onverharde paden die op de stafkaarten waren ingetekend veelal waren verdwenen en opgenomen in de hoofdzakelijk goudgele akkers. Lekker peddelend door een glooiend landschap beëindigden we de eerste dag in Edzell.
54 kilometer
688 hm
Dag 2 Edzell-Ballater
Na een fantastisch ontbijt in de Bed & Breakfast vertrok de groep onder leiding van Mathijs voor de etappe over Mount Keen.

Deze dag bestuurde ik de begeleidingswagen.

Er stond een behoorlijke wind en het duurde dan ook even voordat de groep bij het eerste pauzepunt arriveerde. Na een korte pauze begon de beklimming van de 939 meter hoge Mount Keen. Door de harde wind (storm) was de beklimming een echte beproeving geworden. De afdaling is in tegenstelling tot de beklimming vrij technisch door losliggende stenen en was dit keer een genot om te rijden. Beneden aangekomen stond ik weer klaar voor een versnapering en overige verzorging maar al snel vertrok de groep om naar Ballater te rijden, de finish van deze etappe.
75 kilometer
1593 hm
Dag 3 Ballater-Aviemore
Vanaf de start stond er een harde, noordwestelijke, wind. Na een onvermijdelijk stuk (rustig) verharde weg sloegen we rechtsaf de onverharde weg op en de wind stond nu recht op onze snufferd. Het pad liep langzaam op en we doorkruiste regelmatig smalle beekjes die ons pad kruisten. Plotseling was daar dan “The Holy Trail”, een onbeschrijfelijk mooie technische singletrack die natuurlijk veel te snel achter ons lag.

Aan de kant van het riviertje waar iedereen weer op zijn eigen manier doorheen was gekomen namen we een korte pauze.


Wat volgde was een dalende route langs de River Avon naar Tomintoul.
In Tomintoul stond Mathijs klaar met de bus en wisselde wij van functie. Ik reed de bus dus naar Aviemore. Voor Aviemore was er nog één pauzeplaats bij Loch an Eilein, een prachtige Loch met in het midden een ruïne van een kasteel op een eilandje.

Toen ik uit de bus stapte bemerkte ik voor het eerst de Midges (“De duiveltjes van Schotland” ) . Midges zijn de plaatselijke muggen in Schotland. Ze zijn kleiner dan de muggen die wij kennen, maar ook veel talrijker. Het is dan ook belangrijk om te blijven bewegen want ze zijn niet echt snel.
Nadat de bikers voor het laatste stuk waren bevoorraad vertrokken we voor de laatste kilometers naar Aviemore.
92 kilometer
1400 hm
Dag 4 Aviemore-Fort Augustus
Na de etappe van dag 3 stond er vandaag weer een lange rit op het programma. Vanuit Aviemore (deze plaats ademt Outdoor sport) reden we eerst weer langs Loch Eilein om al snel weer over singletracks door de heidevelden met af en toe een riviertje waar niet altijd een brug overheen lag.

Halverwege de dag, in Newtonmore, gingen wij lunchen in “the Pantry Tearoom & Bistro” waar ze geweldige sandwiches serveerden met een goed kop koffie.
Na de lunch gingen we weer verder richting de beklimming waar we al de hele dag op zaten te wachten. De ondergrond begon te veranderen in losliggende keien als teken dat het echte werk begon. De klim naar The Corrieyairack Pass begint op 330 meter en eindigt op 770 meter hoogte over een lengte van 7 kilometer.

Het hellingspercentage gaat af en toe tot max. 35 procent.

Na de klim volgde een fantastische afdaling over een lengte van 16 !!! kilometer die eindigde in Fort Augustus aan de zuidwestelijke kant van Loch Ness.
86 kilometer
1084 hm
Dag 5 Fort Augustus-Cannich
Vanuit Fort Augustus vertrokken we voor de rit over een gedeelte van de Great Glen Way langs Loch Ness. De eerste 10 kilometer ging het glooiend langs dit wereldberoemde meer.

Het is ons helaas weer niet gelukt om Nessie op de gevoelige plaat vast te leggen dus in ieder geval weer een reden om volgend jaar weer richting Schotland te vertrekken.

Na een kort fotomoment op de Invermoriston bridge begon het serieuze werk. Een klim over een lengte van 2 kilometer waarbij een hoogteverschil van 170 meter overwonnen moest worden en na een snelle afdaling nog een klim over meer dan 4 kilometer met een hoogteverschil van 250 meter. Na het middageten in Drummadrochit volgde nog een uur rijden, ligt bergop, naar onze etappeplaats Cannich.
57 kilometer
1506 hm
Dag 6 Cannich-Lochcarron
Cannich lieten wij achter voor een korte rit in de Glen Affric. Om in dit prachtige gebied te komen moesten we natuurlijk eerst weer een aantal kilometers klimmen. Na de klim was er het uitzicht op de Glen Affric.

Glen Affric wordt als een van Schotlands mooiste locaties beschouwd. In de vallei liggen Loch Affric en Loch Beinn a’ Mheadhoin (Loch Benevean). Rondom Loch Benevan maakten wij onze ronde en eindigden we bij The Dog Falls waar Mathijs ons oppikte voor de busrit naar Lochcarron.

48 kilometer
1135 hm
Dag 7 Lochcarron-Applecross
Na weer een full Scottish Breakfast vertrok ik met de bus om alvast naar het eindpunt van de Trans Schotland te rijden en van daaruit op de fiets de groep tegemoet te rijden.

De laatste etappe ging over de historische pas van Applecross peninsula. Deze pas is op dezelfde manier aangelegd als vele wegen in de Alpen, met haarspeldbochten en hellingspercentages tot 20%. Vlak onder de top van Bealach na Bà trof ik de mannen zodat we gezamenlijk de laatste kilometers van dit avontuur konden beleven.

Een heerlijke afdaling met al gauw zicht op de zee volgde en we genoten van het uitzicht op de Island of Skye. We eindigden dus met het voorwiel in de zee en legden dit heugelijke feit weer vast op de gevoelige plaat.

’s Avonds in The Applecross Inn werden we verwend met heerlijke visgerechten en uiteraard wat alcoholische versnaperingen. Helaas zat de tocht er weer op en we gingen redelijk vroeg onze bedden in want om half zeven ’s ochtends vertrokken we al weer richting de boot die ons terugbracht naar Nederland.
40 kilometer
891 hm